Risicoprofiel van China – hun veerkracht en risicocapaciteit

Risicoprofiel van China – Deel 2 – hun veerkracht en risicocapaciteit
De oorlog in het midden oosten maakt zaken duidelijk over het risicoprofiel van de drie belangrijkste aanwezigen in de regio: Iran, China en de USA met haar militaire vloot. In dit tweede deel van een tweede mini-reeksje schets ik aspecten van het risicoprofiel van China – hun veerkracht en risicocapaciteit.In deze tekst geef ik mijn eigen opinie, niet die van enige organisatie.

Auteur: Manu Steens

A. Financieel uithoudingsvermogen — Hoe goed kan China economische gevolgen opvangen?

De Chinese economie heeft de afgelopen vijf jaar goed standgehouden, ondanks meerdere klappen tegelijk: de coronapandemie, de vastgoedcrisis en toenemende handelsspanningen. Het IMF verwacht in zijn rapport van 2025 een economische groei van 5,0% in 2025 en 4,5% in 2026. Volgens het IMF was China de afgelopen drie jaar verantwoordelijk voor ongeveer 30% van de wereldwijde economische groei. China’s enorme markt van 1,4 miljard mensen en ongeveer 190 miljoen bedrijven zorgt voor een sterke interne stabiliteit.

Uit een grote studie naar de Chinese banksector (2025) bleek dat banken over het algemeen genoeg kapitaal en geld achter de hand hebben. De sterkste banken kunnen zelfs zware economische schokken aan, en de meeste bedrijven en gezinnen hebben een gezonde financiële situatie. De Chinese overheid heeft bovendien een groot steunprogramma opgezet: voor 1,3 biljoen yuan aan speciale staatsobligaties, bedoeld om belangrijke projecten te steunen en mensen aan te moedigen meer te besteden.

Toch heeft China ook grote zwakke plekken. Midden 2025 was de totale schuld in China (van overheid, bedrijven en gezinnen samen) gestegen tot 309% van het bbp — tegenover 303% eind 2024 — terwijl de economie zelf maar met 4,1% groeide. Onderzoek van de Carnegie Endowment laat zien dat onder de grote economieën alleen Japan een hogere schuldgraad heeft. Omdat China een middeninkomensland is, valt het daarmee nog meer uit de toon dan Japan. Het IMF waarschuwt dat China dringend iets moet doen aan ‘oude schulden’, de onhoudbare schulden van lokale overheden, en de langdurige crisis in de vastgoedsector. Die crisis zorgt voor aanhoudend zwakke vraag in de eigen economie en dalende prijsdruk (deflatie).

Beoordeling: China heeft dus veel financiële veerkracht, mede doordat de overheid grote invloed heeft en zelf kan beslissen om geld te investeren of te lenen. Maar de groeiende schuldenberg en de aanhoudende prijsdruk zijn echte langetermijnproblemen. Ze beperken hoeveel China kan blijven uitgeven als een conflict of crisis lang zou duren.

B. Maatschappelijke en emotionele veerkracht — Hoe goed kan China sociale en politieke stress opvangen?

De macht van de Communistische Partij van China (CCP) steunt op twee pijlers: succesvolle economische resultaten en nationalistische gevoelens bij de bevolking. Onderzoekers van de Universiteit van Toronto leggen uit dat de CCP sinds de jaren tachtig haar macht rechtvaardigt via economisch succes: de partij biedt welvaart in ruil voor politieke controle. Maar nu de economische groei vertraagt, begint deze basis barsten te vertonen. Nationalisme vult steeds meer het gat dat de haperende economie achterlaat.

Onderzoek van het Nederlandse instituut HCSS (2025) laat zien dat China nationalistische gevoelens vooral gebruikt om het land intern te versterken rond het gezag van de Communistische Partij — niet zozeer om zich tegen het buitenland te keren, zoals in westerse landen vaker gebeurt. Maar dit is een risicovolle strategie: als mensen het gevoel krijgen dat de partij niet sterk genoeg optreedt tegenover het buitenland, kunnen diezelfde nationalistische gevoelens zich juist tegen de partij zelf keren. De hoge jeugdwerkloosheid (meer dan 20%) en een groeiend gevoel van moedeloosheid onder jongeren zetten dit verhaal extra onder druk.

Onder Xi Jinping heeft de partij haar politieke macht sterk geconcentreerd en mogelijke rivalen aan de kant gezet. Daardoor lijkt de top van de partij eensgezind, al is dat maar aan de oppervlakte. Het Foreign Policy Research Institute waarschuwt echter dat deze starre aanpak — Xi’s machtsconcentratie, het aan de kant zetten van deskundige ambtenaren, en het belonen van loyaliteit boven bekwaamheid — het aanpassingsvermogen van China juist verkleint. Doordat kritische stemmen binnen de partij worden uitgeschakeld, wordt het moeilijker om op tijd van koers te veranderen.

Beoordeling: Op korte termijn is de maatschappelijke veerkracht van China dus groot, dankzij strenge controle en het sturen van nationalistische gevoelens. Het risico op middellange termijn is dat een tragere economische groei het vertrouwen in de partij sneller ondermijnt dan nationalisme kan goedmaken — vooral bij jongere generaties die de welvaart uit de tijd van economische hervormingen niet zelf hebben meegemaakt.

C. Stabiliteitsdrempel — Hoeveel risico is er voordat plannen ontsporen?

De stabiliteit van de Communistische Partij hangt sterk af van twee zaken: het alleenrecht op het politieke verhaal, en de belofte van economische vooruitgang. Het Foreign Policy Research Institute waarschuwt dat de Chinese leiders wachten als gevaarlijk beschouwen — door de vergrijzing, de schulden en interne onvrede. Daardoor kan de leiding besluiten om op korte termijn grotere risico’s te nemen om langetermijndoelen te bereiken, zelfs als die risico’s eigenlijk groter zijn dan wat het systeem echt aankan.

Volgens onderzoeksinstituut Brookings heeft Xi zijn risico’s herverdeeld: hij neemt bewust risico’s bij het hervormen van de binnenlandse economie, maar probeert risico’s van buitenaf juist goed onder controle te houden. Toch heeft die aanpak grenzen. Een verkeerde inschatting rond Taiwan, een financiële crisis door de instortende schulden van lokale overheden, of een zware klap voor de export die zowel de groei als de werkgelegenheid raakt — dat alles kan de stabiliteit van de partij in gevaar brengen. Het IMF noemt een dieper dan verwachte terugval in de vastgoedsector, gecombineerd met hoge schulden, als het grootste risico voor de eigen economie. Dat kan leiden tot een zwakkere vraag in het land zelf en aanhoudend dalende prijzen.

Beoordeling: China’s plannen kunnen dus veel druk van buitenaf aan, zoals te zien was tijdens de handelsoorlog met de VS. Maar als meerdere problemen tegelijk misgaan — zoals economische groei, de vastgoedsector, de export en Taiwan — dan zou dat een drempel vormen waarbij de geplande strategie echt zou ontsporen. Bovendien heeft de Communistische Partij geen duidelijk opvolgingsplan. Dat betekent dat grote instabiliteit ook kan leiden tot een machtsstrijd binnen de partijtop, met gevolgen die niemand precies kan voorspellen.

Manu Steens

Manu werkt bij de Federale Overheid in risicomanagement en Business Continuity Management. Op deze website deelt hij zijn eigen mening over deze en aanverwante vakgebieden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Recent Posts